En de volledige fotoreportage van deze Frieslandreis vindt u hier.
Merkwaardig genoeg kozen de nazi's deze plek uit om hun dood en verderf zaaiende V1 en V2 te lanceren. Werner von Braun in Friesland. Het Riisterbosk is een gecultiveerd bosperceel waar vooral veel monumentale beuken te vinden zijn. De eerste blaadjes ontluiken aan de bomen die het eerste zonlicht pakken. It's just a perfect day. De wandeling brengt ons bij de Mirnser klif van waaruit je weer prachtig over het IJsselmeer uitziet.
Dit is het land van Slauerhoff - "alleen in mijn gedichten kan ik wonen". De laatste ijstijd wierp in de noordelijke Nederlanden een wal van morene op die zo'n beetje van Texel (De Hoge Berg) over Oudemirdum in Friesland liep. Hier aan de Gaasterlandkust zijn op drie plaatsen nog van die steenophopingen te vinden. Ze noemen dat hier een klif: de Oudemirdumer klif, 't Mirnserklif en de Rode klif, even voorbij het pittoreske haventje van Laaxum. Die laatste klif is tevens de hoogste, circa tien meter boven NAP. De benaming klif is wat grotesk, meer dan een kleine welving in het landschap is het eigenlijk niet. Maar ze spreken wel tot de verbeelding. De Oudemirdumer klif biedt uitzicht op de imposante windmolens aan de noordkust van de Noord Oost Polder, Bij de Rode klif waan je je aan een grote zee en als je boven op deze verheffing uit het land staande naar links kijkt zie je een grote dalendglooiende groene weide die uitmondt in een bescheiden kustlijn.
De koude noordenwind is gaan liggen vandaag, een bleke zon doet zijn best, de lucht boven het water is heiig, in de verte een eenzame zeiler die zich alleen op de wereld moet wanen. Er is nauwelijks wind en het is stil, de luchten zijn hoog en van de vogels, de horizonten als altijd hier, ver weg.
Een reiger landt op de korte pier van het haventje van Laaxum. Aangetrokken door een dode en aangebeten vis die aan de waterrand half in het water dobbert, half op een dode steen liggen blijft. De reiger vertrouwt het niet, ruikt aan de vis en besluit dat hier geen smakelijk hapje op hem ligt te wachten. Indrukwekkend is zijn vleugelslag als hij teleurgesteld wegvliegt, de staartveren gespreid, de vleugelveren zo groot mogelijk gemaakt om hem maximaal liftkracht te geven. Op zulke momenten ervaar je de onvoorstelbare kracht van een gestage evolutie. Is Friesland niet de mooiste provincie van ons land?
Het is koud hier in Friesland, midden april 2021 maar de zon schijnt en dit is een van de mooiste provincies die we hebben. Gaasterland dit keer, we verblijven in een werkelijk idyllisch huisje in Oudemirdum, vlak aan de IJsselmeerkust, niet ver van Mirns waar in 1943 een Amerikaanse bommenwerper een noodlanding moest maken op het kerkhofje waarbij behalve zeven bemanningsleden ook de klokkenstoel sneuvelde.
We passeren Laaksum, Stavoren, Molkwar en Hindeloopen, pittoreske stadjes van lang geleden, ze zijn nog steeds prachtig en meer dan de moeite waard. In de zomer is het geen doen hier, te druk, zeker wanneer er geen pandemie heerst. Maar zo'n zonnige dag in april, ook al is het koud, biedt een perfekte gelegenheid om dit soort stadjes te bezoeken.
We zien onderweg valkjes, reigers, de onvermijdelijke eenden en ganzen maar ook, toch bijzonder helaas, twee grutto's. Friesland was de provincie van de weidevogels. Is de provincie van groen en luchten. Maar het groen zet je al gauw op het verkeerde been. Het is een en al monocultuur hier. Voor de oppervlakkige toerist (en ik behoor daartoe) is het heerlijk, het is weids met alleen maar verre horizonten en grote weidse luchten maar de werkelijkheid is weerbarstiger. De weidevogels nemen in onrustbarend tempo af in diversiteit en aantallen. Roofvogels zijn evenzo schaars geworden, soms zelfs worden ze afgeschoten omdat ze de jagers hinderen en prooi nemen die de jager het liefste door het vizier van zijn dodelijk wapen ziet.
Dit alles neemt niet weg dat ik nog steeds zo ontzettend graag kom hier. Friesland is een heerlijke provincie die voortdurend je verbeelding tart. Friesland maakt ruimte in je kop en in je geest. Dit is niet de eerste en zeker niet de laatste keer dat we hier zijn.