woensdag 27 maart 2013

Nog maar eens wat getallen


In Hoeveel is genoeg? van Robert & Edward Skidelsky lees ik enkele cijfers die voor zich spreken: in 1970 kreeg een top-CEO in de VS circa dertig keer zoveel als een gemiddelde werknemer, nu is dat tweehonderdzesendertig keer zoveel. In de UK gaat het om eenentachtig keer zoveel in plaats van zevenenveertig keer zoveel tien jaar geleden. In de VS is het inkomen van de rijkste vijf procent negen keer zo snel gestegen als dat van de armste vijf procent, in de UK vier keer zo snel. Kortom, de rijken bemachtigen een steeds groter deel van het nationale inkomen.

In de Volkskrant van afgelopen zaterdag lezen we dat de topinkomens verder stijgen en dat de verschillen steeds groter worden. Eerder meldde ik al dat nu de bonussen onder druk komen te staan, de topverdieners hun vaste salaris enorm hebben zien stijgen, soms tot wel 19 procent. Meurice van ASML heeft een totaal jaarsalaris van € 11.259.424. Begrijpt u dit nog?

In hetzelfde artikel maakt de Volkskrant melding van enkele nieuwe vondsten om het topsalaris van de topverdieners nog meer top te maken: de blijfbonus en de luxe versie van de hypotheekgarantie. Van Boxmeer van Heineken kreeg een retentiebonus van 1,5 miljoen Euro om nog een periode bij te tekenen; zijn totaalsalaris over 2012 bedroeg € 6.544.770. En Malcolm Brinded van Shell kreeg een bonus van € 2.067.248 omdat hij bij zijn vertrek zijn huis niet kon verkopen voor het bedrag dat hij ervoor betaald had.

Wie denkt dat mijn verontwaardiging is ingegeven door jaloezie vergist zich. Ik kan niet vaak genoeg herhalen dat dit soort inkomensverschillen funest zijn voor een gezonde samenleving, voor een beschaving. Stuitend is de schaamteloosheid waarmee dit gedrag in weerwil van alle maatschappelijke commotie gewoon aan de orde van de dag blijft.
Op Skidelsky kom ik later nog terug maar ik kan u nu al hun boek van harte aanbevelen.


Geen opmerkingen: